|
Wat is de Finder eigenlijk?
De Finder is het gedeelte van het MacOS dat toegang geeft tot de
bestanden op de harde schijf, vergelijkbaar met Windows Verkenner
of de optie “Deze Computer” op het bureaublad. Hieronder
valt ook het bureaublad zelf en het dock uit OS X. Het is, zeg maar,
het grafische schilletje dat helpt de computer te bedienen.
Het verschil tussen MacOS X enerzijds en Windows en MacOS 9 anderzijds,
is dat bij OS X het werkelijke besturingssysteem gescheiden is van
het grafische schilletje. Daardoor kun je de Finder opnieuw opstarten,
zonder je computer opnieuw te hoeven starten. Dat scheelt stabiliteit
en tijd. Het wil overigens niet zeggen dat OS X niet kan vastlopen,
hoor...
Voor bepaalde systeemopties, zoals de manier waarop bestanden op
schijven worden weergegeven (met icoonjes, voorbeelden, met of zonder
details), moet je in de Finder zijn. De makkelijkste manier om in
Finder terecht te komen, is door op het bureaublad te klikken (Classic
OS) of door op het Apple-gezichtje te klikken in het dock (OS X).
Onder Classic OS zie je dan in de taakbalk ondermeer de optie “Speciaal”,
waarmee je de computer kunt uitzetten of in de sluimerstand plaatsen.
Bij OS X zit dit op dezelfde plaats als onder Windows: in het systeemmenu
(Applemenu dan wel Startmenu).
|